Aanpak van schulden in de opvang

Hoewel de zelfredzaamheid van cliënten in de opvang soms gering is, klagen professionals nogal eens dat er te snel bewindvoering wordt ingezet. Deze maatregel kan immers leiden tot grotere afhankelijkheid van de cliënt in plaats van meer eigen initiatief. Zelf oplossen, met steun van een professional, is eigenlijk de beste weg om te zorgen dat iemand financieel zelfredzaam wordt en niet terugvalt. 

Voor een betere aanpak zullen de opvangsector en de reguliere schuldhulpverlening in beweging moeten komen. Binnen de opvang moet onder de professionals de kennis van financiën worden vergroot en binnen de schuldhulpverlening moet juist de kennis over kwetsbare groepen en de juiste bejegening en aanpak een thema worden.

Kennis versus bejegening
Als we het hebben over ‘meer kennis van financiën in de opvang’, dan gaat het niet over specialistische kennis, maar over voldoende basiskennis. Voldoende om te kunnen beoordelen of iemand serieuze financiële problemen heeft, een check te kunnen doen op essentiële punten en zo nodig maatregelen te nemen, zoals het gericht doorverwijzen naar een financieel specialist of schuldhulpverlener.

Voor professionals in de reguliere schuldhulpverlening is financiële kennis niet het probleem. Het gaat hier juist om de bejegening, meer inzicht in doelgroepen met complexe problematiek. Hoe benader je de persoon die aan je balie verschijnt? De gesprekstechnieken uit de methodiek ‘Mobility Mentoring’ zouden hier een mooie aanvulling zijn. In het vervolg van dit artikel gaan we met name in op de situatie binnen de opvang.

Situatie in de opvang
Ervaringen van professionals in de opvang leren dat cliënten niet graag over hun financiële problemen praten – mogelijk uit schaamte. De professionals blijken het zelf echter ook ingewikkeld te vinden om door te vragen op dit thema, terwijl men weet dat het enorm belangrijk is om zo snel mogelijk zicht te hebben op deze problematiek. Bij niet-tijdig oppakken verergert de situatie steeds verder. Het is dus belangrijk dat professionals beter toegerust worden om deze rol te vervullen. Het kennen van financiële problemen van cliënten en het kunnen leveren van “eerste hulp” is voor (woon)begeleiders een belangrijke aanvulling in hun begeleidingsrol. Ook sociale wijk- of buurtteams zouden over financiële basiskennis moeten beschikken en zo nodig eerste hulp moeten kunnen bieden of in ieder geval snel gericht kunnen doorverwijzen. 

Verschillende aanpak
Niet alle instellingen binnen Opvang/Beschermd Wonen geven hulp bij schulden. En daar waar dat wel gebeurt, doet men het op verschillende manieren. Sommige instellingen hebben alles in huis: Tussenvoorziening met Stadsgeldbeheer; Neos, de Kesslerstichting en Limor met Stichting Findien. Andere instellingen, zoals HVO Querido in Amsterdam, doen voorwerk en dragen cliënten vervolgens vrij snel over, bijvoorbeeld aan een deelgemeente.

‘Specialisten’ opleiden
Financiën zijn een gecompliceerd onderwerp, vinden alle begeleiders binnen Opvang- en Beschermd Wonen-instellingen. Ook wil men graag wat meer kennis over dit onderwerp hebben, hoewel er ook consulenten zijn die er weinig affiniteit mee hebben. Het is niet werkbaar om alle professionals tot financieel deskundige om of bij te scholen. Dat moet ook niet de inzet zijn, vindt men. Leid een aantal mensen binnen de instelling hiertoe op, dat kan voldoende zijn. Instellingen die zulke gespecialiseerde professionals hebben, signaleren de neiging om alles wat met financiën te maken heeft snel door te sturen aan deze collega’s. Dat betekent dat deze gespecialiseerde collega’s veel tijd kwijt zijn aan basale zaken en dat zaken die vrijwel direct geregeld kunnen/moeten worden, te lang blijven liggen.

Basiskennis
Enige kennis van financiën is noodzakelijk in alle begeleidersfuncties binnen de opvang. Deze stelling van André Moerman, autoriteit op het gebied van schuldhulpverlening, onderschrijven wij.

Omdat niet alle instellingen schuldhulpverlening aan kunnen bieden, is het goed om dit uit te besteden aan een externe specialist - zo nodig een bewindvoerder. Maar ook bij uitbesteding of overdracht moet er voor de cliënt een vaste schakel zijn en dat is de persoonlijk begeleider. Ook om deze rol goed te kunnen vervullen, is enige kennis nodig van financiële problemen en mogelijke maatregelen. Zo moet de begeleider ook de vertaalslag kunnen maken naar de cliënt van wat de bewindvoerder met haar/hem afspreekt.

Bejegening van cliënten is hier de kracht. Wanneer we die combineren met een goede basiskennis en men hierop ook direct actie onderneemt, kan een cliënt veel sneller worden geholpen. Dat betekent dat we deze basiskennis binnen de opvang zullen moeten verspreiden en verankeren. Dit is een stap voor veel (woon)begeleiders die dit niet als een vanzelfsprekende taak zien. 

Het snel in kaart brengen en regelen van zaken kan echter een behoorlijke stap vooruit betekenen voor de cliënt. Deze ziet/ervaart dat er concreet iets gebeurt, wat de relatie tussen begeleider en cliënt ten goede komt. De aangetoonde enorme stress die mensen ervaren door financiële problemen kan met deze eerste stappen mogelijk ook al wat verminderd worden.

Samenwerking
Om te zorgen voor toenadering tussen opvang en reguliere schuldhulp is het van belang dat we samenwerken met organisaties zoals Divosa, NVVK, VNG, Landelijke Cliëntenraad Werk en Inkomen en UMC Radboud (Mobility Mentoring). Dit gebeurt in het project binnen de begeleidingscommissie, in de stuurgroep, maar ook wordt afstemming gezocht met het project “Schouders Eronder”. Vermeldenswaard is dat we samenwerken met het project van Fier Fryslân, dat met name de extra problemen van slachtoffers van huiselijk geweld en schulden in beeld brengt. Ook bij dit project is de conclusie dat de basiskennis in de instellingen vergroot moet worden. Beide projecten zullen in toenemende mate kennis delen en waar mogelijk samen tools en deskundigheidsbevordering ontwikkelen.

Mevrouw X heeft LVB. Begeleider Y vertelt: ‘Ik ben contactpersoon tussen haar en de rest van de wereld, dus ook haar bewindvoerder. De afspraken met de bewindvoering zijn helder. X vraagt geld aan indien nodig, mevrouw mag dit niet zelf. Waarom niet? Bijvoorbeeld omdat zij dol is op dieren maar er niet voor kan zorgen. Ze kocht twee vogeltjes die binnen 1,5 week dood waren. En nu had ze weer een poes besteld… Maar die heb ik snel weer “afbesteld”.’

Federatie Opvang is de branchevereniging voor opvang, beschermd wonen en aanpak huiselijk geweld.

Gratis nieuwsbrief ontvangen van Federatie Opvang
Meld je hier aan
Contact

Piet Mondriaanplein 25
Postbus 830, 3800 AV Amersfoort.
033 461 50 29